Zie ik daar een geest?

De zon schijnt. Ik fiets over de Oosterspoorbaan in Utrecht, een spoor dat omgebouwd is tot park, en zie iemand in een fel oranje hesje een dansje maken in de groenstrook. Aparte plek, denk ik. En zo te zien zonder camera erbij. Wie danst er tegenwoordig nog op straat zonder het op Tiktok te zetten? 
Dichterbij gekomen blijkt dat het oranje hesje aan het harken is. 
Verderop aarzel ik of ik af moet stappen voor een man die gebukt op een oversteekplaats staat. Zijn hoofd hangt er raar bij. Is hij onwel geworden? Nee. De man draait iets aan op zijn scootmobiel. 

Ik ben de mol

Het is weer zover. Ik kan mijn lenzen niet in vanwege een hardnekkige ooginfectie. Sinds twee jaar heb ik zachte lenzen, heel leuk, maar zachte lenzen zijn een soort kweekbakjes voor bacteriĆ«n. Mijn ‘reservebril’ moet ik steeds vaker op en ik kan net zo goed de bril van de buurvrouw op doen. Ik leef in een schimmenwereld. Ik zie net iets meer dan licht en donker, ongeveer zoals een mol. Ik begroet wildvreemden dolenthousiast en passeer ijzig mensen die ik al jaren ken. 

De Witte Pluis

Op straat ben ik hyperalert. Ik heb mijn ogen hard nodig in het verkeer en als ik de honden uitlaat. Het is een jungle. Sommige honden zijn levensgevaarlijk eng, anderen werken Fonzy gewoon op de zenuwen = moet hij hard tegen blaffen. Vaak draai ik om als ik ze tegenkom. De Witte Pluis bijvoorbeeld. De Witte Pluis gaat op zijn beurt door het lint als hij Fonzy ziet. Ik weet de echte naam van de Witte Pluis niet want ik spreek zijn eigenaar niet. Wij zorgen dat wij niet in elkaars buurt komen. Maar nu met die bril zie ik hem in de verte iets met zijn handen doen. Waarschijnlijk geeft hij aan dat hij naar links of naar rechts gaat. Maar is het links of is het rechts?
Het ergste is dat ik geen gezichten kan lezen. Heeft iemand het tegen mij of iemand anders? Is het grappig bedoeld?  
Ik voel me de hele dag alsof ik niet goed wakker ben, dementerend zelfs. Voor de zekerheid grinnik ik extra onderdanig.

Ik schuw het donker. Mijd onbekende paden. 

Zee van gebods- en verbodsborden

Bij de brillenvrouw sta ik na twee weken slechtziendheid met de pasbril op, een frame met een selecte verzameling glaasjes die samen mijn ideale sterkte vormen, de straat in te kijken en zie vlijmscherp een zee van gebods- en verbodsborden, nummerborden en ander verkeersservies en registreer hoe een fietser bijna het loodje legt onder de wielen van een te snel rijdende auto. Ik hef een loflied aan op de uitvinders van de bril. Het begon ooit allemaal met een glas met water en maatwerk is tegenwoordig een high tech experience met balletjes op rode en groen achtergrond vergelijken, plofjes op de oogbol en natuurlijk ook het klassieke letterlezen. De pasbril is al een verademing.
Geef maar mee, goed zo, maar de brillenvrouw kan niet zonder.

montuur Suzy Glam takes control

Vakantiegeld of brillengeld

Rond de duizend euro kost het nieuwe (fantastische, vlinderachtige) powermontuur met glazen. Multifocaal is een rib uit je lijf, zoals iedereen boven de dertig, veertig, vooruit vijftig weet. C’est la vie. Ik aarzel dan ook geen moment alvorens me in deze financiĆ«le afgrond storten. Onze reserves zijn al uitgeput met dank aan de geopereerde jonge viervoeter en de kreupele oude. Halsreikend kijk ik uit naar mijn vakantiegeld. Maar we gaan het wel overleven.


En dan vraag ik me altijd af hoe dat elders op de wereld gaat. 
De brillenvrouw is twee weken in Mozambique geweest.
‘Wat voor brillen hebben ze daar?’,  vraag ik. 
Er waren opvallend weinig mensen met brillen in Mozambique. ‘Maar wel allemaal autorijden he.’
Zouden ze daar wel geld voor brillen hebben? Vroeger werden gebruikte brillen toch ingezameld?
Zij: ā€˜Ze zijn daar ook weer niet zo arm hoor. Ze hebben allemaal mobieltjes’. 
Natuurlijk heeft iemand die twee weken in Mozambique heeft gezeten een voorsprong, maar ik dacht: ik google ook nog even op Mozambique en brillen. En op Afrika en brillen. Op wereldwijde slechtziendheid. Dat zag er allemaal wat minder rooskleurig uit dan de brillenvrouw dacht. Veel mensen op de wereld leven niet een maand, maar hun hele leven in een mist van dansende hoveniers in parken. 

Voice-over bij het NPO-programma Metropolis, dat trakteert op portretten van onverwachte, verrassende medewereldbewoners: ‘We denken soms dat Nederland het centrum van de wereld is. En misschien denkt iedereen dat wel van zijn eigen land. Welkom bij Metropolis.’ 

Ook goed voor scherp zicht. Al hebben ze nog geen item gemaakt over slechtziendheid. Wel over blindheid, eenvoudig leven, pensionado’s en echte vrienden.

Carren Otieno uit Kenia

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *