Valkuilen van vakantiehuizen

Laatst had ik weer eens een aanval. Ik zocht vakantiehuizen aan zee, kwam terecht in Schoorl, Zeeland, Oostende en op de Wadden. En dwaalde voor de leukigheid af naar Frankrijk en Portugal.

Het komt door al die mensen die van vakantie terugkeren alsof ze in het Paradijs zijn geweest en maar moeilijk kunnen wennen aan het aardse leven. Als je ze alleen maar vraagt wat voor thee ze willen, kreunen ze demonstratief: ‘Sorry, maar ik ben net een dag terug. In X. dronken we altijd gewoon Y. Ik ben er helemaal uit.’

Ik stink er altijd weer een beetje in. Dat onwereldse geluk moet toch ook voor mij weggelegd zijn.

Maar er moeten twee honden mee, waarvan eentje zo link wordt van auto’s dat de hele buurt de Dierenbescherming belt als hij ingeladen wordt. En ik wil ’s avonds in het huisje kunnen koken en eten en zitten. Onze strandtrips maken we namelijk in oktober en het wordt alweer snel donker. En we hebben een beperkt budget. Onder de honderd euro per nacht huur je niks meer. Ook thuis kun je leuke dingen doen met honderd euro per dag. Maar je moet ‘herinneringen maken’ zoals ze dat noemen, je moet kunnen zeggen: ‘Weet je nog dat we toen en toen bij die heuvel en dat die man toen zei, enzovoort.’ Even op een andere plek ontheemd zijn en naar de bakker moeten zoeken. Over het strand of door de bossen rennen.
Ik wil geluksgarantie. Na zoveel jaar vakantiehuizen huren denk ik soms te weten wat er mis kan gaan, maar ik word elke keer weer verrast. De reviews zeggen niks. Ik snap dat. Reviews zijn niet anoniem en meestal zijn die mensen die hun afgedankte uitgezakte banken in hun vakantiehuisje hebben gezet en je afschepen met het allergoedkoopste wegwerpbestek niet uit op je bloed. Er zijn grotere schurken in de wereld. ‘Superhartelijke ontvangst. Er stond zelfs een bloemetje op tafel!’
Een bloemlezing van wat er zoal goed en fout kan gaan.

1. Huisje in de achtertuin in Schoorl

Bruine hondenpoten op een witte sprei in een kamer waar verder alles wit is, stoelen, gordijnen, trap en kastje.

Dat jaar hadden we echt weinig geld en je hoefde maar vijf minuten te lopen vanuit het huisje of je stond midden in het bos. Maar een huisje in iemands achtertuin is nooit een goed idee tenzij die iemand in Paleis het Loo of een ander paleis met kroondomeinen woont. Want: Uitzicht dichtgetimmerd met schuttingen of dichtgeverfde ramen.

Achter dit huisje (Schoorl) liepen normaal paarden die je door het piepkleine keukenraam zou kunnen zien. In ons jaar werd er helaas verbouwd en waren de paarden elders.

Bij gebrek aan uitzicht moesten we dus wel de hele tijd tegen het gebroken witte ‘interieur’ aankijken. Dat was niet lekker rustig, dat was heel saai. Een soort wachtkamer zonder het immer opwindende ‘Arts & auto’.

2. Omgekeerde rommelzolder in Bergen

Glimmend theelepeltje in glazen schaaltje met ribbeltjes op een rijk gedecoreerd kleed.

Ook weer in iemands achtertuin. De huisbaas kwam te vaak attent iets brengen of vragen, zodat ik gefixeerd raakte op de volgende klop op de deur.

Gekke geluiden. Hoofdstuk apart.

Schichtig werd ik ervan. Alsof we door bewakingscamera’s in de gaten werden gehouden. Ik durfde geen wijn uit een pan te drinken of touwtje te springen met de brandslang en likte geen borden uit.

Keuken met planken vol allerlei soorten vazen en potjes en pannetjes. Oude koffiemolen, bordje "verboden te roken.'

Waarin dit huisje radicaal verschilde van de vorige is dat het wemelde van de niet-verwante kleuren en vormen. Overal stonden en lagen kringloopvondsten. Geen kurkentrekker of er zat wel een grapje in verwerkt met een gezicht of een tong of een akelig beest dat naar je hapte. Als we vanuit het huis in de achtertuin naar de straat wilden moesten we door de bijkeuken, waar een apparaat dag en nacht stenen stond te koken of te wassen. Slijpen?

3. Appartement op vier hoog zonder lift in Bergen aan Zee

Uitzicht vanuit een flat op de kust van Bergen aan Zee bij zonsondergang. Met lampjes van restaurants en huizen.

Ja, goh. Geweldige dagen gehad. Ademloos naar de zee gekeken. Ik kan het appartement iedereen zonder twee honden (waarvan 1 pup en 1 met serieuze artrose) van harte aanbevelen. Mijn schouder lag eraf na vier keer daags een hond van 10 kilo vier verdiepingen naar beneden dragen en vier keer omhoog sjouwen. Het appartement zelf was kreukloos, weliswaar doorsnee, maar dat mag met zo’n uitzicht.

4. Verloren en verlaten in Duitsland

Industriële lamp, wit houten plafond, hoge ramen met uitzicht op bomen.

Sinds we van een appartement naar een pleintje verhuisd zijn, slaan we rond oud en nieuw op de vlucht voor mensen die denken dat ze ‘eeuwenoude tradities’ (antieke cobra’s?) in ere moeten houden. Ik had een mooi oud schoolgebouw gevonden op het kale Duitse platteland. Prachtig gebouw. 9+. Als de zon schijnt en hier en daar iets groeit en je hebt (elektrische) fietsen en je kunt de hele dag buiten zijn, is het vast geweldig. Waar we maar keken waren reeën en zo. Vuurwerk? Nul. In het gebouw logeerde ook de Duitse hond van de dochter van de eigenaar die voor het vuurwerk school. Maar ik moet in het holst van de winter niet op een kaal stuk platteland gaan zitten. Oud en nieuw 2025 zitten we in de Ardennen in een soort garage (ai), maar wel vlakbij bos.

5. Te donker voor november in Egmond aan de Hoef

Onregelmatige gestuukte muur met twee kleine schilderijtjes met botanische tekeningen, links een schouw en achter het raam een boom.

Leuk boerderijtje, slapen in een bedstede, goede keuken, smaakvolle botanische tekeningen aan de muur. Maar een grot in donker november. Uitzicht op een wand van bomen. Toen we in dit huisje zaten waren we wat tobberig, eerlijk gezegd. Mensen hadden familiegerelateerde verwachtingen van ons vanuit een wereldbeeld dat we niet deelden. Laat ik het mystiek houden.

Het huisje was net verkocht, verstandige beslissing van de oude eigenaren.

6. Bijna perfect in Vlissingen

Zwart hondje ligt op brede vensterbank. Uitzicht op schip, water en wolkenlucht.

Geïnspireerd door het uitzicht op zee in het appartement op vier hoog vond ik tijdens mijn hobby ‘vakantiehuizen kijken’ dit benedenhuis in Vlissingen. Aan de Boulevard. Met een brede vensterbank waar ik uren heb zitten kijken en tekenen. Schijtmazzel met het weer. Het was zomer in oktober. En waarom heeft de zeikerd die ik ben dan niet meteen voor het volgend jaar ook geboekt? Nou, toch ook weer dat spekgladde laminaat waar hondenpootjes op uitglijden. Tik, tik, tik. Verder het geluid van de huurders van het souterrain die naar binnen en buiten gingen met hun zware voetstappen en rammelende sleutels. En van Vlissingen had ik ook wel weer genoeg na één keer.

7. Uitzicht op parkeerplek in Stavoren

Omdat ik laat boekte kon ik alleen nog een appartement op Marina Stavoren boeken. Dat is bij de haven van Stavoren, het domein van eigenaren van zeilboten en jachten. Een soort Vinexwijk, die totaal verlaten was op de dag dat ik er was, voor werk.

(Zie dit verhaal over fietsen achter de Afsluitdijk. Heel bijzondere fietsverhuur was dat ook. De vrouw wilde niet op de foto want ze was gevlucht voor haar ex of had een crimineel verleden, dat werd me niet helemaal duidelijk. Ze wilde in elk geval niet op de foto.)

Bij de foto’s van het appartement zat een leuk zitje aan de haven. Wat de eigenaren erbij vergaten te zeggen was dat dat zitje niet aan het appartement grensde, je moest er voor om het huis lopen. Het appartement keek uit op een spooky parkeerplaats met picknicktafel. Er was een sauna en op de gang waren wel vier deuren naar onder andere een zwembad, dat ik niet kon gebruiken. Deuren die ik niet kon openen, maar de eigenaren of wie weet wie wel.

Het is de enige keer dat ik een negatieve recensie heb gegeven. Zesje. Want het was wel schoon, gaap. De vakantiehuisbranche is zo bezeten van schoon dat veel vakantiehuisjeseigenaren elk half jaar het hele interieur vervangen door nieuwe troosteloze IKEA-meubelen.

8. Slecht meubilair in Bergen aan Zee

kamer met grote koelkast en een hond op laminaatvloer. Dichte gordijnen.

Het leven is leuk met twee honden, maar niet makkelijk. Fonzy en Rufus konden geen rust vinden in dit appartement met laminaat. We hoorden ze de hele tijd rusteloos ronddrentelen. Wij drentelden zelf niet rusteloos rond, maar hadden ook moeite onze draai te vinden. De stoelen aan tafel zijn niet gemaakt om op onderuit te zakken en de bank is te laag om naar buiten te kijken terwijl er alle reden is om naar buiten te kijken. Oplossing: stoelen voor de bank en onze voeten op de bank. Beetje kamperen, soit.

Zicht op ondergaande zon door het raam van een appartement.

Van de authentieke inrichting moet dit appartement het natuurlijk niet hebben. Gloednieuw, standaard. Met houten bordjes met levenswijsheden als ‘Relax’. Maar ja, dat uitzicht. We hadden het voor dit najaar opnieuw geboekt. We zouden kleden meenemen voor de hondjes en baden vurig dat het minder warm zou zijn dan vorig jaar want de zon staat er pal op en de airco gaat standaard uit in oktober. Koelmatten voor de hondjes zouden we dus ook meenemen. En wie weet militaire koelvesten voor onszelf en een paar comfortabele kampeerstoelen?

9. Thuis komen in Bergen

Een hond ligt in een mandje voor een raam waarvoor vitrage hangt.

Ik kon het niet laten, surfde maar weer eens het hele internet af naar huizen rondom Bergen aan Zee en stom toevallig zag ik dat ons lievelingshuis, dat flink duurder is geworden sinds ons eerste bezoek, afgeprijsd was in precies de periode dat wij op vakantie willen. Direct toegehapt en appartement aan zee afgezegd. Scheelt weer een vracht aan hondenkleden en koelmatten.
Ik schreef er al eerder over.

Dat je over een stuk over een autoweg moet voordat je bij het bos bent, de supermarkt ver weg is, de badkamer piepklein, ook hier geen fietsen zijn, dat doet er soms niet toe.

Want: er ligt geen glad laminaat. De vloer is van hout en er liggen veelkleurige kleden. Er is vuur, er is een kroonluchter, er staat een waterbakje voor de hond klaar. Het hele huis is van hout opgetrokken. Er is uitzicht. Maar bovenal is er inzicht.

Raam met uitzicht op kale bomen.

Amen.

Als ik dan half oktober terug ben ga ik ook zo heerlijk high en afwezig kijken in de zoomvergadering. ‘Suzanne? Suzanne!’

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *