De trap naar God de Corrector

God is een corrector

De kantoorvilla stond in een meer van enkelhoog, hier en daar kniehoog grind, waar je eigenlijk alleen met een 4-wheeldrive doorheen kwam, maar voor de Porsche van de art-director was een lakschaderegeling getroffen. De entree van communicatie-adviesbureau voor de arbeidsmarkt JOX was breed en hoog genoeg voor een kristallen kroonluchter van drie meter doorsnede.
Hoe een vrouw als ik daar terecht kwam, was iedereen een raadsel. Van een klik tussen mij en de corrector had ik niets gemerkt, maar misschien keek hij bij alle sollicitanten naar zijn papieren.
Het was mijn honderdmiljoenste brief. De jaren negentig. Ik kende niemand met een baan.
Het kwam er op neer dat JOX een peperdure personeelsadvertentiefabriek was die de kranten de crisis doorsleepte met paginavullende advertenties voor directeuren en projectleiders voor Rijkswaterstaat,  en voor pro-actieve regionale managers met hands-on mentaliteit voor het beroemde sportkledingbedrijf met de Swoosh. Er ging geen dag voorbij zonder dat de corrector me verzekerde dat hij een zware, verantwoordelijke baan had. Het ging om tonnen per dag. ‘Per dag hè’, herhaalde hij. Als hij niet jaar in jaar uit foute adressen en telefoonnummers uit advertenties haalde, kon het bedrijf inpakken.

Tapijt van opgedroogd bloed
Behalve dat hij dagelijks kilo’s verantwoordelijkheid op mijn schouders legde, zei de corrector niet veel tegen mij. Alleen de receptioniste scheen mij waar te nemen.  Als ik ’s ochtends de prestigieuze trap met tapijt in de kleur van opgedroogd bloed opliep, zag ik in kamertjes hoofden opkijken en direct wegkijken. Het liefst praatte de corrector met DTP-er Karel over Diane van traffic. Diane was een dikke vrouw met armetierig haar dat als de takken van een treurwilg over haar schouders hing. En ze had een schelle stem. De gesprekken gingen over wat ze nu weer gedaan had en wat ze droeg.  Karel en de corrector stopten niet met praten als anderen binnenkwamen. Het was bedrijfscultuur om het elke dag over dikke Diane te hebben zoals je het over het weer had. Na twee maanden was Diane weg en was er een vacature Pispaaltje (m/v). Ik hield me gedeisd en schafte twee doorsnee broeken aan. De bruine droeg ik in de even weken, de zwarte in de oneven weken.

Pizza met de grote jongens
In juli kwam mijn kans. De corrector ging op vakantie. Twee weken lang was ik om half negen ’s ochtends op kantoor, at pizza met de grote jongens en kwam pas tegen elven ’s avonds thuis. Nog steeds met de bus, dat wel. Ik droomde over liggende streepjes en zwevende komma’s en begon mijzelf steeds meer als God’s Grote Geschenk aan een florissant bedrijfsleven te zien.
Op een dag dacht ik dat ze me wilden laten weten hoe blij ze met me waren, maar toen ik de kamer binnenkwam en de art-director, een mooie jongen in een lelijke wereld, en de traffic manager, een harige aap met kromme benen, met sombere gezichten naar uitgespreide kranten zag kijken wist ik dat het tijd was voor een nieuwe tijdelijke assistent die de goddelijke status van de onmisbare Corrector zou bevestigen.

Voor Diane
Nog één ding. Ik heb bij een intern badmintontoernooi een shuttle recht tussen de ogen van een blonde accountbeheerder met een Friese naam gejaagd, bijna door haar hoofd heen. Zij lachte altijd het hardst om grappen over Diane.  Ze moest na de aanslag even op de grond zitten. Toen ze na vijf minuten opkrabbelde, zei ze: ‘Wat een agressie. Waar komt dat opeens vandaan?’

 

Een gedachte over “God is een corrector

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *